Q2 2026

Groei ondanks oorlog

Financiele markten Q2 2026

"Consumenten blijven geld uitgeven ondanks hogere energieprijzen"

  • Aandelen deden het dit kwartaal erg goed. Dit kwam vooral door afnemende geopolitieke spanningen en sterke bedrijfsresultaten. Daarnaast gingen AI-investeringen door grote Amerikaanse aanbieders van clouddiensten onverminderd door. 
  • De rentes veranderden over het hele kwartaal weinig, maar schommelden wel. Aan het begin stegen de rentes door hoge olie- en gasprijzen. Later daalde de rentes weer na de-escalatie van het conflict in het Midden-Oosten. De olieprijs daalde sterk: van ongeveer 118 dollar per vat aan het begin van het kwartaal naar ongeveer 73 dollar aan het einde.
  • Aan het begin van het kwartaal waren er grote zorgen over het conflict tussen de Verenigde Staten en Iran. Dit zorgde voor verstoringen van de Straat van Hormuz. Tijdens het kwartaal boekten beide landen vooruitgang in de onderhandelingen. In juni bereikten zij een raamovereenkomst. Daarin spraken zij onder andere af om de Straat van Hormuz weer volledig open te stellen en verder te onderhandelen. Deze raamovereenkomst moet de weg vrijmaken voor een definitief einde aan de oorlog. Door de overeenkomst daalden de olieprijzen en nam de druk op de inflatie af.
  • Grote Amerikaanse aanbieders van clouddiensten verhoogden hun verwachte investeringen voor 2026 naar ongeveer $700 miljard. Vooral bedrijven die profiteren van de vraag naar chips hadden hier voordeel van. De Philadelphia Semiconductor Index steeg gedurende het kwartaal met circa 88%.
  • De macro-economische groeicijfers bleven sterk. In de Verenigde Staten waren de arbeidsmarktcijfers over maart, april en mei telkens beter dan verwacht. Het gemiddelde aantal nieuwe banen over drie maanden steeg in mei naar 188.000. Dat was het hoogste niveau in twee jaar. Consumenten bleven bovendien geld uitgeven, ondanks de hogere energieprijzen. Ook de cijfers van inkoopmanagers in de Verenigde Staten wijzen op een gezonde economische groei, met name dankzij de sterke dienstensector. In Europa verbeterde vooral de industrie. De belangrijke graadmeter voor de industrie bleef het hele kwartaal boven de 50. Een score boven de 50 geeft groei aan. De Europese dienstensector bleef achter, vooral in Duitsland en Frankrijk. Ook bleef het vertrouwen van de Europese consument laag.
  • In de Verenigde Staten stemde de Amerikaanse Senaat in met de benoeming van Kevin Warsh als nieuwe voorzitter van de centrale bank (“Fed”). Powell verlaat de bank niet; hij blijft aan als bestuurder van de Fed.
  • In juni vond de eerste Federal Open Market Committee (FOMC) plaats onder leiding van de nieuwe voorzitter Kevin Warsh. Hij legde de nadruk op het bestrijden van inflatie. Daardoor veranderden de verwachtingen op de financiële markten. In plaats van een renteverlaging hielden beleggers rekening met een renteverhoging in oktober. De kerninflatie bleef hoog, boven de 3%. Vooral door stijgende prijzen in de dienstensector. De beleidsrente bleef gedurende het kwartaal ongewijzigd op 3,5%-3,75%. 
  • De Europese Centrale Bank (ECB) verhoogde het belangrijkste rentetarief (de depositorente) van 2% naar 2,25%. De reden hiervoor was de onzekerheid over de duur van de oorlog tussen de Verenigde Staten met Iran en de gevolgen voor de inflatie. Verschillende bestuurders van de ECB gaven aan dat ze meer verhogingen verwachten.

Dit kwartaalbericht is op zorgvuldige wijze tot stand gekomen. In het jaarverslag over 2026 worden de definitieve cijfers gepubliceerd. Aan dit bericht kunnen geen rechten worden ontleend.